Heijmerink

In 2010 is in opdracht van Heijmerink in het kader van BIM onderzocht of Revit toepasbaar is in de organisatie.

Doel: Bepalen of Revit een geschikte kandidaat is voor het maken van een gebouwmodel.

Opdracht: CADVB heeft de opdracht om de complexen Water, Bos en Weide te modelleren in Revit.

Navolgende tekst dient als informatief beschouwd te worden, ea. in afstemming met de mogelijkheden van de toen beschikbare Revit versie.

In dit deel wordt nader ingegaan op de technische opzet van het gebouwmodel, de redenen waarop beslissingen zijn genomen voor het kiezen van een bepaalde aanpak. In een normaal bouwproces wordt de complexiteit van het geheel van de samenstelling groter naarmate het bouwproces vordert. Door het inzichtelijk worden van de toe te passen materialen onderdelen etc., wordt het gebouwmodel van grof naar fijn opgezet. Dit pad is bij het invoeren van gegevens in het gebouwmodel ook gevolgd. Voor zover mogelijk zijn aangemaakte families qua naamgeving geconformeerd aan de NL-SfB codering. Voor de kozijnen zijn extra opsplitsingen gehanteerd die in rubriek 31 Wandopeningen Buiten nader omschreven worden.

 

16 Funderingsbalk.

In eerste instantie is geprobeerd een wall foundation onder een wand te plakken. Dit is een praktische methode als we met een rechthoekig bouwwerk te maken heeft en er geen funderingstroken hoeven te worden ingekort. Het inkorten van funderingsstroken zou eventueel ondervangen kunnen worden door met in place families achteraf stukken weg te snijden. Wall foundation bied minder mogelijkheden voor het maken van onderlinge aansluitingen. Een in place family getekend als sweep met een profile is bij dit project ook niet toepasbaar ivm scherpe hoeken bij meerdere aansluitingen. Uiteindelijk is er voor gekozen om de fundering als een zogenaamde wand te modelleren. De funderingsbalken zijn op deze manier snel op te zetten, onderlinge aansluitingen zijn makkelijker realiseerbaar. Tevens is de maatvoering op deze manier van werken het snelste te plaatsen.

16 PS-bekisting.

Een poging om de PS-bekisting als extrusie over een pad te laten lopen strand wederom doordat bij meerdere aansluitingen vervolgens weer stukken uitgesneden moeten worden met zogenaamde voids. De mogelijkheid om de PS-bekisting mee te nemen in de wanddefinitie van de funderingsbalk moet ook uitgesloten. De oorzaak van deze uitsluiting ligt in het feit dat bij de later de plaatsen maatvoering de funderingsbalk zelf soms niet goed te selecteren is bij aansluitingen. De PS-bekisting is dus als een aparte wand getekend en vervolgens ge-aligned aan de funderingsbalk.

21 Opstortingen.

In eerste instantie waren de opstortingen in de wand gedefinieerd, waarbij moet worden aangegeven dat bij toegepaste opstortingen van 210 onder een een kalkzandsteenwand van 214 de aansluitingen van opstortingen niet aansluiten. Hier is er dus ook voor gekozen om de opstorting als aparte wand te tekenen. In een later stadium zijn de opstortingen vervallen.

 

Een opstorting in een wand gedefinieerd

 

Een profile in de wand gedefinieerd die een stuk uit de wand snijdt. (reveals)

 

23 Vloeren.

In de eerste aanzet van het model is een vloer als floor getekend, waarbij de gehele opbouw in een component gebruikt is. De breedplaatvloer wordt als substrate[2] ingesteld, dit betekend dat deze door wanden van niveau structure[1] wordt doorgesneden. De breedplaatvloer in dit stadium nog zonder opleggingen in het model weergegeven. In een later stadium zijn de verzwaarde vloerdelen apart getekend en met de reeds geplaatste vloer ge-joined. De verschillende vloervelden worden bij het modelleren gewoon door elkaar gemodelleerd.

 

In het laatste stadium is de breedplaatvloer en daarop aangebracht beton van elkaar gescheiden.

 

21 Buitenwanden.

Er zijn diverse mogelijkheden om spouwmuren op te zetten in Revit. Hierna worden de twee belangrijkste opties besproken.

Samengesteld.

Voor de opbouw van een spouwmuur is in Revit de mogelijkheid beschikbaar om deze als één samengesteld component te tekenen. In het model zijn de spouwmuren opgezet van ruwe vloer tot ruwe vloer. Door de vloer met de wand te verbinden (join) wordt het binnenblad weggehaald ter plaatse van de vloer. Het buitenblad alsmede de luchtspouw en isolatie blijven doorlopen. Aansluitende overkragingen zijn apart getekend.

Opbouw van de wand definitie.

Zoals bij alle te tekenen objecten geldt dat het level waarop wordt aangevangen met tekenen als start level wordt opgegeven in de instance parameters. Het is dus praktisch om een view te definiëren die refereert naar het juiste level.

Instance parameters van een wand.

 

Een wand gejoind aan de vloer.

 

Onderdelen.

Er kan ook voor gekozen worden om elk spouwblad apart te tekenen. Een praktische manier hiervoor is bijvoorbeeld eerst het binnenspouwblad te plaatsen, deze parallel te kopieren (offset) en daarna in

te wisselen voor een ander type wand. De voordelen zijn natuurlijk dat er overzicht is bij de diverse aansluitmogelijkheden van de wanden, een wandaansluiting loopt namelijk altijd eerst van core naar core, vervolgens wordt de materiaaldefinitie in combinatie met functie-optie bepalend voor de aansluiting. Nadeel is natuurlijk dat er het manipuleren van de wanden meer gecontroleerd moet worden. De afstand tussen spouwbladen zouden bijvoorbeeld vast gezet kunnen worden door maatvoering te koppelen en te fixeren.

Grafisch zijn er ook meer mogelijkheden, zo kan bijvoorbeeld het buiten spouwblad door middel van elke handelingen uitgezet en/of transparant gemaakt worden.

 

As build?

Hoewel er bouwkundig gezien weinig onderscheid is voor het invoeren van een spouwmuur als een samengesteld component of losse componenten, is het invoeren van een spouwmuur als losse spouwbladen wel aan te bevelen voor het calculeren van hoeveelheden. Revit berekend op dit moment de volumes van spouwmuren waarvan bijv. het buitenblad verder naar beneden/boven is doorgetrokken niet correct. Indien er gekozen wordt voor de invoer met losse spouwbladen hoeft de join functie veelal minder uitgevoerd te worden.

In dit project is er in een later stadium voor gekozen om het buitenblad om te zetten bij de kozijn aansluitingen. Dit heeft als consequentie dat dat het buitenblad niet als los component geplaatst kan worden. Een wall wrap functie kan alleen aangezet worden voor een “layer” die zich buiten de core boundary van de wand bevindt. In het model Deelplan_Bos_Split[datum].rvt is de dan ook de luchtspouw meegenomen in de wand definitie.

Wall Type 21mw met een wrap mogelijkheden.

 

22 Binnenwanden.

Binnenwanden zullen veelal als enkele wand getekend worden. Praktisch is om de wanden van level naar level te laten lopen. Een binnenwand kan alsnog aangesloten worden aan een hoger gelegen vloer.

 

31 Wandopeningen buiten.

In een Revit model zijn kozijnen veelal een samenstelling van o.a. Het kozijn met de bijbehorende wandopeningen. CADVB heeft in opzet de diverse componenten die in het kozijn aanwezig zijn als aparte componenten opgebouwd. Door deze manier van werken kunnen gebruikte componenten hergebruikt worden, er kan een zo een project bibliotheek worden opgezet. Tevens kunnen de diverse componenten weer worden gebruikt binnen verschillende kozijnen. In dit project is de vlak indeling van de pui met de bouwkundige aansluitingsprinicpes bepalend voor een kozijn family. 

Volledige samenstelling. 

Alle kozijnen volledig samengesteld, met pui/screens/lateien/waterslagen/betimmering en als een component in het model geplaatst. Het inwisselen van een gewijzigd kozijn gaat makkelijk bij wijzigen van de samenstelling.

Een kozijn waarin zowel alle componenten, aansluitingen en openingen gedefinieerd zijn.

 

Voordelen:

Parameters zijn door te koppelen over de diverse componenten binnen de family. De componenten zijn in elk kozijn te plaatsen. Overzicht van de aansluitingen in de family zelf. 

Nadelen:

Het kozijn wordt behalve complex ook qua bestandsformaat groot, hoe meer parameters hoe groter het bestand qua file size. De subcomponenten die in het kozijn zitten blijven binnen het kozijn zitten als deze wordt ingeladen binnen het model. Een wijziging doorvoeren in een subcomponent heeft dus gevolgen voor de reeds in model geplaatste kozijnen. De subcomponenten van een kozijn worden dus volledig opnieuw ingelezen bij elk kozijn. Dit komt de bestandsgrootte van het model niet te goede.

 

 

Generieke componenten.

Alle onderdelen als generieke model componenten in het model plaatsen. In dit geval worden alleen de openingen en het kozijn zelf als een kozijn family gedefinieerd. Overige componenten worden als generieke componenten gedefinieerd.

 

Een kozijn waarin alleen de openingen en pui zijn gedefinieerd.

 

Voordeel:

aantal geneste subcomponenten neemt drastisch af. Doorgevoerde wijzigingen worden na het inlezen van het gewijzigde component doorgevoerd over het gehele model.

Nadeel:

Onderlinge parameters zijn niet door te koppelen, immers de family´s zijn nu van elkaar gescheiden. Aantal handelingen om in eerste instantie de losse componenten in het model te plaatsen nemen toe. Behalve het kozijn moet nu ook de waterslag/latei/betimmering apart geplaatst worden. In dit project is voor optie 1 gekozen. Conclusie is dat dit uiteindelijk nadelig heeft uitgepakt. Dit heeft echter niet zozeer de maken met het onderscheid van een kozijn met geneste componenten en en generic model componenten. De bestandsgrootte van de geneste family en het daarbij optreden van langdurige inleestijden in het model verstoren de continuïteit van het werkproces dermate dat optie 1 zal moeten worden uitgesloten. De inleestijden van een gewijzigd kozijn bedragen veelal meer dan 1 minuut.

 

Opzetten kozijnen

De kozijnen zijn van begin compleet opnieuw opgezet, omdat er van Schuco nog geen Revit content beschikbaar is. Hiervoor is het dus noodzakelijk dat de profielen van de side van Schuco worden gehaald waarbij de dwg als onderlegger wordt gebruikt voor het opzetten van zowel detail- als profile componenten. Allereerst zijn de kozijnen opgezet met de z.g. basis profilering. Vervolgens zijn in een later stadium profileringen verzwaard, wat als consequentie heeft dat een aantal kozijnen moesten worden gecontroleerd c.q. aangepast. Het doorvoeren van wijzigingen in de principe detaillering (3 maal) heeft tot gevolg gehad dat alle kozijnen aangepast moesten worden. Toepassen van een ander type screen heeft tot gevolg gehad dat alle bovenprofileringen van de kozijnen aangepast moesten worden. Vervangen van binnen lateien door aftimmering heeft tot gevolg gehad dat de voids (sneden tpv oplegging lateien uit de wand) van de binnenlateien verwijderd konden worden. 

 

47 Dakafwerkingen.

In het model zijn de niet beloopbare dakafwerkingen als vloer geplaatst. Een vloer wordt vanaf het level waarop het geplaatst wordt naar beneden geprojecteerd. Op het moment dat een afschotlaag aan de bovenzijde wordt toegepast is het praktischer deze als type dak te plaatsen. Een dak wordt namelijk vanaf het gekozen level naar boven geprojecteerd.

More in this category: « Kohnstammhuis